Het eindexamen en de weg ernaar toe
 
 
 

Dit jaar, dat je eigenlijk het vijfde jaar kan noemen, hoewel de lengte ervan individueel kan verschillen, is de examentraining voor erkend praktijkvoerend astroloog. De kennis en vaardigheden van de eerste vier jaar worden geïntegreerd tot een volledige horoscoopduiding in wisselwerking met een cliënt. Er wordt ook ingegaan op het astrologische consult- en de praktijkvoering.
Het gekozen eindexamenonderwerp presenteer je in de groep.
Verder vindt begeleiding plaats bij het voltooien van het examendossier.

Wanneer je de toetsing en evaluatie in de eerste vier jaar voldoende hebt afgerond, kan je je aanmelden voor het eindexamen. Dit bestaat uit 2 delen:
A. het examendossier
B. het eindgesprek.


A. Het eindexamendossier

Het examendossier dient minimaal te bevatten:
1. Een radixanalyse.
2. Een relatievergelijking incl. composiet of combine.
3. Een actualiteitsanalyse.
4. Een eindwerkstuk.
5. Een literatuurlijst en een literatuurverslag.
6. Een werkstuk waarin je beschrijft hoe jij werkt met de
astrologie op basis van het bijgehouden logboek.
7. Vijf consultverslagen.
8. Opname van een consult.

Toelichting:
- De werkstukken 1 en 3 van het examendossier moeten in helder Nederlands
(eventueel in overleg in een andere taal) opgesteld zijn. Het gebruik van
astrologisch vakjargon moet in deze werkstukken vermeden worden. De
astrologische factoren aan de hand waarvan de duidingen zijn opgesteld
moeten in de kantlijn vermeld worden of in een bijlage middels een helder
verwijssysteem. De relatiehoroscoop en actualiteitsanalyse moeten vergezeld
gaan van duidelijke bijlagen en aspectenlijsten, waarop tevens wordt
aangegeven welke onderdelen/aspecten wel of niet zijn gebruikt in de analyse.
- De onderdelen 1 en 3 mogen samen in één werkstuk verwerkt worden.
- In de werkstukken dient een aantoonbaar overzicht en samenhang getoond te
worden m.b.t. de horosco(o)p(en) en er moet een heldere lijn zichtbaar
gemaakt worden.
- Je maakt op een bepaald onderdeel een ‘diepteanalyse’: een thema
of aspect wordt uitgewerkt, waarbij je laat zien dat je in staat bent
een onderdeel zo compleet mogelijk uit te werken en toe te lichten. Deze
diepteanalyse kan eventueel als bijlage worden toegevoegd aan al gemaakte
werkstukken.
- Je wordt slechts na goedkeuring van het examendossier door de
tweede examinator geëxamineerd.
- Bij de beoordeling van de werkstukken en het eindexamen worden de criteria
gehanteerd, zoals neergelegd in het ASAS beroepsprofiel.

Het dossier nader bekeken:

1. Een radixanalyse
In een korte inleiding geef je duidelijk uitleg waarom je welke werkwijze hanteert en wat de vragen en relevante omstandigheden van de cliënt zijn. In de analyse maakt je zichtbaar dat je de basisonderdelen beheerst, zoals: elementen, kruizen, tekens, planeten, zwarte lichten, huizen en huisheren, aspecten, aspectpatronen, retrograde en ongeaspecteerde planeten, onderschepte tekens, maansknopen. Je mag werken vanuit een eigen systeem en visie, mits astrologisch verklaarbaar. De horoscoop moet een duidelijke schets van de cliënt geven en de uitwerking van een thema, waarbij eventuele talenten en blokkades worden belicht en jij als astroloog richtingen aangeeft om tot meer zelfinzicht te kunnen komen.

2. Een relatievergelijking incl. composiet of combine
In een korte inleiding maakt je duidelijk welke werkwijze je hanteert, wat de vragen en relevante omstandigheden van de cliënten zijn en in welke verhouding zij tot elkaar staan. Je benoemt de factoren die jij voor deze relatie als kenmerkend ziet. Als technieken worden gehanteerd: duiding relatiethema’s uit de radix, synastrie en uit de compositie of combine Verder maak je een analyse van een relatie tussen twee mensen, waarbij een sterkte/zwakte analyse gemaakt wordt. Daarbij worden de volgende onderdelen beschreven:
- De persoonlijke relatiethema’s in elke radix
- Hoe reageren de twee personen op elkaar (synastrie en
composiet/combine)
- Een visie op de relatie gezien de vraagstelling van de cliënten

3. Een actualiteitsanalyse
In een korte inleiding vermeld je duidelijk welke werkwijze jij hanteert en wat de vragen en relevante omstandigheden van de cliënt zijn. Je gebruikt drie technieken, waarbij de transits verplicht zijn, om een helder beeld te geven van de fase waarin de cliënt zich bevindt. Daarbij wordt gekeken naar de samenhang van de progressieve standen met de radix en de groeimogelijkheden en leermomenten die deze met zich mee brengt. Diverse levensgebieden worden in deze analyse uitgewerkt en toegelicht.

4. Een eindwerkstuk
De eindscriptie kan een eigen onderzoekje over een zelfgekozen onderwerp zijn. In dat geval is het astrologische onderwerp onderzocht aan de hand van minimaal 6 horoscopen op basis van een duidelijke hoofdgedachte en de daaraan gekoppelde vraagstelling. Eerdere astrologische publicaties over het onderwerp moeten erbij betrokken worden, indien zij aanwezig zijn. Ook dien je niet-astrologische informatie te verzamelen en deze invalshoeken te onderzoeken, indien het onderwerp daartoe aanleiding geeft. De eindscriptie kan echter ook een bepaald (bijvoorbeeld specialistisch) onderwerp uitdiepen, waardoor zichtbaar wordt dat je op een eigen wijze de astrologische materie kan hanteren.
De vorm. Het werkstuk bevat: een voorwoord (persoonlijke aanleiding en motivatie), een inleiding (doelstelling, onderwerp en hoofdgedachte), een middenstuk (uitwerking, theoretische benadering, achtergronden, voorbeelden), een slot (conclusie, terugkoppeling naar hoofdgedachte), een nawoord (persoonlijk, wat had ik eraan) en een literatuurlijst (geraadpleegde werken). Lengte werkstuk: richtlijn 10 a 15 pagina’s A4 tekst, excl. bijlagen (horoscopen, lijsten).

5. Een literatuurlijst en een literatuurverslag
Dit verslag laat zien hoe en door welke stromingen en auteurs je bent geïnspireerd en beïnvloed.

6. Een werkstuk waarin je beschrijft hoe jij werkt met de astrologie
Een korte analyse van de eigen horoscoop toegespitst op het eigen ontwikkelingsproces tijdens de astrologiestudie op basis van het bijgehouden logboek. De volgende punten vormen hierbij het uitgangspunt:
- Vanuit welke behoefte of interesse is een start gemaakt met de astrologie?
- Welke betekenis heeft de astrologie in je persoonlijke leven gekregen en welke
ontwikkelingen zijn daaruit voortgekomen?
- Vanuit welke ideeën (beroepsvisie) wil je de astrologische kennis gebruiken en
hoe pas je dat in de praktijk toe.

7. Vijf consultverslagen
Incl. bijgeleverde horoscooptekeningen die het consultproces weergeven en de volgende thema’s beschrijft: met welke vraag kwam de cliënt, hoe verliepen intake, gesprek en afronding, waar ging de kandidaat op in. Daarbij beantwoord je vragen als: In hoeverre heb je de vraag van de cliënt adequaat kunnen beantwoorden? Heb jij je eigen tevoren geplande lijn aangehouden of bracht het gesprek je op een ander spoor? Heb je om feedback gevraagd van de cliënt en wat ga je daarmee doen?
Hiermee geeft je blijk van voldoende mate van zelfreflectie.

8. Een opname van een consult
Je levert een opname in van een consult met een onbekende cliënt met een duidelijke vraagstelling. Ook de actuele situatie wordt in dit consult toegelicht. Je bent in dit consult in staat een aantal essentiële punten te benoemen en daarover in gesprek te gaan met de cliënt, inzicht bieden en eventueel tot een advies komen. Bij de beoordeling wordt gekeken naar elementen als: de communicatieve vaardigheden in het gesprek en het juist interpreteren en overbrengen van de astrologische gegevens.


B. Het eindgesprek

Je kan pas deelnemen aan het eindexamen als alle werkstukken zijn ingeleverd en goedgekeurd. Het examen omvat onderdelen als: bespreking eindwerkstuk en andere werkstukken, een gesprek over de visie op astrologie, eigen ervaringen, evaluatie van de gevolgde scholing en de eigen ontwikkeling, gelezen literatuur, toekomstperspectieven. Tijdens het examen wordt van je verwacht dat je op begrijpelijke wijze vragen beantwoordt en de eigen stellingen zal kunnen verdedigen.
Het oordeel van de gecommitteerde bepaalt of je als erkend lid tot de ASAS wordt toegelaten. In geval van meningsverschil tussen docent of kandidaat en de gecommitteerde over de uitslag kan een andere gecommitteerde aangevraagd worden, die het betwiste onderdeel opnieuw afneemt. De beste beoordeling telt.